FR | NL
Home | Over Vax Info | Links | Contacteer ons

Rabiesprint

Voorzorgsmaatregelen

gepubliceerd op donderdag 1 mei 2008

Naar aanleiding van een recent geval van hondsdolheid in Frankrijk, waarschuwt de federale overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu voor het reizen met dieren. In oktober vorig jaar werd ook in het Vlaams-Brabantse Beersel hondsdolheid vastgesteld bij een jonge hond die illegaal uit Marokko geimporteerd werd.

Uit voorzorgsoverwegingen werd de hond en ook een andere hond die in dezelfde familie verbleef, gedood. Op beide honden wordt een autopsie uitgevoerd. Voor de eerste hond bevestigen de resultaten de diagnose van hondsdolheid.
De personen die in contact kwamen met het dier werden opgevolgd door de bevoegde diensten van het Pasteur Instituut. Zij kregen een preventieve behandeling en worden gevaccineerd. Dit gebeurde ondermeer bij de leden van het gezin waar de hond verbleef en de veeartsen die het dier onderzochten.
Het Voedselagentschap besliste onmiddellijk dat alle honden uit de omliggende gemeenten gedurende 6 maanden verplicht aan de leiband moeten gehouden worden. Bovendien werd geadviseerd om alle honden en katten binnen de zone te vaccineren.

Epidemiologie

In Europa komt rabiës vooral voor bij wilde dieren als de vos en de vleermuis, maar in Afrika, Azië en Zuid-Amerika is de ziekte wijder verspreid en zijn ook veel honden besmet. In Europa zijn menselijke slachtoffers vrij zeldzaam. De laatste jaren zijn mensen gestorven als gevolg van een rabiësbesmetting overgebracht door vleermuizen (Groot-Brittannië, 2002) of opgelopen in het buitenland of na transplantatie van organen afkomstig van een geïnfecteerde donor (Duitsland 2005).

In Europa vormen vossen het voornaamste reservoir van rabiës, bovendien zijn zij ook een belangrijke vector. Besmette vossen kunnen door beten, krabben of likken het virus overbrengen andere zoogdieren (inclusief de mens). De laatste decennia heeft België verschillende golven van besmettingen gekend. Maar door intensieve vaccinatiecampagnes bij vossen kwam rabiës sinds 1999 in België niet meer voor. In 2001 werd België officieel vrij van rabiës verklaard en in 2003 werd de laatste vaccinatiecampagne uitgevoerd.
Door het geval van hondsdolheid in Beersel eind oktober 2007 is België niet langer officieel vrij van rabiës. Tegen eind april 2008 zal België, op voorwaarde dat er zich geen nieuwe gevallen voordoen, terug officieel vrij verklaard worden van rabiës.
In veel Europese landen zijn gevallen van rabiës bij vleermuizen vastgesteld, maar in België bleken alle 77 analyses die tussen 1989 en 2003 werden uitgevoerd, negatief. De rabiësvirussen waarmee vleermuizen besmet kunnen zijn, zijn van een ander genotype dan het klassieke rabiësvirus, maar kunnen ook worden overgedragen op de mens.
Zodra er symptomen zijn, is rabiës bij mensen en dieren altijd dodelijk. Binnen de 48 uur na infectie, dus voor het verschijnen van de eerste ziektetekens, moet een behandeling wordt ingezet. De incubatietijd is afhankelijk van de aard en de plaats van de beet, de diersoort die de beet heeft toegebracht en de hoeveelheid virus, maar bedraagt gemiddeld 20-60 dagen (met een spreiding van 5 dagen tot een jaar of langer).

Maatregelen in verband met Rabiës


• Aangezien rabiës nog voorkomt bij in het wild levende dieren in buurland Duitsland, moeten de honden in het deel van België waar het risico op herintroductie van het virus het grootst is, gevaccineerd worden tegen rabiës. Deze vaccinatieplicht geldt in het gebied ten zuiden van de Samber en de Maas. Na vaccinatie ontvangt de eigenaar een vaccinatiecertificaat en wordt de vaccinatie ingeschreven in het paspoort van het betreffende dier.
• Ook honden die mee gaan kamperen, waar dan ook in België, moeten tegen rabiës gevaccineerd zijn, omdat er bij het kamperen meer kans is op contact met in het wild levende dieren.
• Vaccinatie tegen rabiës is ook verplicht voor alle honden, fretten en katten die van of naar andere landen worden vervoerd. De meeste gevallen van rabiës bij honden in de ons omringende landen, betreffen illegaal ingevoerde dieren uit landen waar rabiës veel voorkomt en waar geen vaccinatieplicht geldt, zoals Marokko. De vaccinatie en de geldigheidsduur van de vaccinatie moeten verplicht ingeschreven worden op het Euro-pees paspoort van het dier.
• Voor reizen van andere Europese landen naar België is de vaccinatie tegen hondsdolheid niet vereist voor gezelschapsdieren jonger dan 3 maanden afkomstig uit een land vrij van hondsdolheid ( Nederland, Groot-Hertogdom Luxemburg, Portugal, Italië, Tsjechische Republiek, Denemarken, Zweden, Finland, Griekenland, Cyprus, Malta, Noorwegen, Zwitserland) op voorwaarde dat er een bijkomende verklaring is dat ze sinds hun geboorte op dezelfde plaats hebben verbleven en niet in contact zijn geweest met dieren verdacht van hondsdolheid.
• Zweden, het Verenigd Koninkrijk, Ierland en Malta weigeren de invoer van gezelschapsdieren jonger dan 3 maanden. Frankrijk, Italië, Polen en Cyprus weigeren dieren jonger dan 3 maanden die niet gevaccineerd zijn tegen hondsdolheid.
• Voor reizen naar België vanuit een land dat geen lid is van de Europese Unie moeten honden en katten tevens een bloedtest ondergaan tenminste 30 dagen na de vaccinatie en 3 maanden vóór de reis. Deze bloedtest dient uitgevoerd te zijn in een door de Europese Unie erkend labo. Dieren jonger dan drie maanden afkomstig uit een niet-Europees land, worden niet toegelaten.
• Mensen die met hun huisdier naar een land buiten de Europese Unie reizen, moeten een bloedtest laten uitvoeren vóór het vertrek. Deze bloedtest moet ten minste 30 dagen na de vaccinatie gebeuren. Het bloedstaal moet onderzocht worden in het Wetenschappelijk Insti-tuut van de Volksgezondheid (Pasteur). Het resultaat van dit onderzoek dient bij terugkeer naar België te worden voorgelegd.

Voor specifieke vragen kan u terecht bij de dienst Sanitair Beleid van Dieren en Planten van de federale overheidsdienst (FOD) Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu. U kan hen bereiken via het e-mailadres Willem.Dhooghe health.fgov.be of op het nummer 02/524.73.20.

Paul Geerts

Voor de praktijk

In geval van een beet door een mogelijk besmet dier

1 - de wonde grondig met water en zeep uitwassen, goed spoelen, en vervolgens grondig ontsmetten (met Iodium/Isobetadine of met ethanol 60-80 %).

2 - Men dient zo snel mogelijk een arts te raadplegen om vaccinatie te overwegen. Het vaccin en immunoglobulinen worden enkel afgeleverd door de Dienst Rabiës van het Pasteur Instituut van Brussel, Engelandstraat 642 te 1180 Brussel (02/373.31.50, www.pasteur.be).
In geval van een verdachte beet in een ontwikkelingsland moet overwogen worden om onmiddellijk huiswaarts te keren. Voor de mens gebruikt men alleen een op menselijke diploïde cel-len bereid geïnactiveerdVaccin.

3 - Vaccinatie na blootstelling
Niettegenstaande met klem aangeraden wordt binnen de 24 uur met vaccinatie te starten, kan men, wanneer men tijdens een reis op verdachte wijze gebeten werd, zelfs na thuiskomst nog met inenten (vaccinatie én immunoglobulinen) starten, omdat de incubatietijd meestal vrij lang is.
Vaccinatie van persoon die nooit gevaccineerd werd :
- Humane immuunglobulinen tegen rabiës (20 IU/kg): zo snel mogelijk toedienen na de besmetting, zoveel mogelijk als een lokale injectie diep in én rond de bijtwonde, de rest intramusculair aan de contralaterale zijde. Dit moet gebeuren binnen 8 dagen.
- Vaccinatie in de deltoïdeusspier: ofwel 5 injecties op dag 0, 3, 7, 14 en 30; ofwel 4 injecties: twee op dag op dag 0, één op dag 7 en op dag 21, met controle van de antistoffenaanmaak op dag 30 (dit schema gebruikt men indien er geen humane immuunglobulinen tegen rabiës voorhanden zijn).
Vaccinatie na blootstelling bij iemand die eerder volledig werd gevaccineerd en waarbij de laatste vaccinatie niet ouder is dan 5 jaar: 2 dosissen, op dag 0 en dag 3.

Preventieve vaccinatie
Drie inentingen van 1 ml, op één maand tijd (op dag 0, 7, 21 of 28). Het vaccin wordt in de bovenarmspier gegeven. De eerste herhalingsinenting wordt gegeven na 1 jaar en vervolgens om de 5 jaar.
Een dosis kost 48 € (niet terugbetaald door het RIZIV)

Preventieve vaccinatie wordt niet aangeraden aan gewone reizigers gezien het kleine risico. Volgende personen moeten wel overwegen om zich op voorhand te laten vaccineren:
- De klassieke risicogroepen, zoals dierenartsen, jagers, boswachters, veehandelaars, landbouwdeskundigen enz.;
- archeologen, speleologen en reizigers die een fietstocht ondernemen;
- Personen die langere tijd in afgelegen landelijke ontwikkelingsgebieden zullen rondreizen of gaan wonen, en niet binnen de 24 uur over een (op celcultuur bereid) vaccin en binnen de 48 uur (of uiterlijk tot 7 dagen) over humane of moderne gezuiverde paarden-antirabiës immunoglobulinen kunnen beschikken;
- kinderen die gaan wonen in een risicogebied, dienen – in functie van de lokale omstandigheden – ernstig te overwegen preventief gevaccineerd te worden.


Abonneer u op de nieuwsbrief